Telegraaf, 2 Apr 2009

door ASTRID VAN LEEUWEN

Als zoon van een Sumatraanse moeder en een Nederlandse vader onderzoekt choreograaf Gerard Mosterd in zijn voorstellingen de pro’s en contra’s van het opgegroeid zijn met twee culturen.  Voor zijn nieuwste productie, ‘Ibu Bhumi’, liet hij zich inspireren door de Minangkabau, een van de laatste matriarchale samenlevingen ter wereld. “In deze crisisperiode, waarin overduidelijk is dat het patriarchaat heeft gefaald, kunnen we veel van de Minangkabau leren.”

Mosterds fascinatie voor het matriarchaat gaat, zegt hij, ver terug.  “Als balletleerling van het Haagse Koninklijk Conservatorium stond ik jarenlang als enige jongen in een klas vol meisjes.  Ik ben gewend om te verkeren in een wereld die door vrouwen wordt beheerst.”

MINANGKABAU

Via zijn moeder raakte Mosterd (Amersfoort, 1964) in de ban van de Minangkabau, een West-Sumatraanse bevolkingsgroep die de vrouw op de eerste plaats stelt en die haar invloed door heel Azië doet gelden.  “Het zijn de vrouwen die bij de Minangkabau aan het hoofd van het gezin staan, die alle belangrijke beslissingen nemen en die de economische macht in handen hebben.  Sinds Azië in de zestiende eeuw overspoeld werd door de islam, zijn ook de Minangkabau strikt religieus, maar ze hebben hun geloof aangepast aan hun matriarchale cultuur in plaats van andersom, en zijn daarmee een vreemde eend in de bijt in de islamitische wereld.”

In 2007 al maakte Mosterd in Indonesië een choreografie geinspireerd door de Minangkabau, ‘Paradise… a Woman?’ (die daarna ook in Nederland te zien was), maar zelf omschrijft hij die voorstelling nu als een ‘Groeten uit de rimboeproject’.  “De totstandkoming ervan was in alle opzichten een moeizaam proces, ik mocht vaak al blij zijn als de dansers uberhaupt kwamen opdagen.  Daardoor ben ik te veel in de vorm blijven steken.”

Met ‘Ibu Bhumi’ (Moeder Aarde) gunt Mosterd zich een tweede kans.  Voor deze voorstelling, bestaand uit dans, video en tekst, werkt hij samen men choreograaf/danser Benny Krisnawardi, een expert in de minang silek, een West-Sumatraanse verdedigingskunst daterend uit de pre-islamitische periode.  “Het is een kunst die, in lijn met de Minangkabau-cultuur, geïnspireerd is op de natuur.  Alle bewegingen worden dicht bij de grond uitgevoerd en zijn heel intuïtief; ze gaan, tegenovergesteld aan het klassieke ballet, niet uit van een wetenschappelijke techniek, maar van de interactie tussen de uitvoerenden.”

EVOLUTIE

Vertegenwoordigt, Krisnawardi in ‘Ibu Bhumi’ de traditie, Mosterd zorgt – in dans én thematiek – voor de link naar het heden en, zo hoopt hij, een blik op de toekomst.  Dat is ook de reden dat hij in deze voorstelling, behalve met professionele Indonesische dansers, met middelbare scholieren werkt. Het gaat mij om de evolutie.  Ik denk dat de rol van de vrouw vóór de introductie van het christendom veel groter was.  Duizenden jaren is de mensheid gekneveld door een mannelijke wereld; een patriarchaat dat tot de destructie van Moeder Aarde leidt en ook verder niet veel goeds heeft gebracht.  Ikt laat de dansers en scholieren daar in woord en beweging over filosoferen, probeer hun een visie op de toekomst te ontlokken.  Zelf denk ik in elk geval dat de tijd rijp is voor een nieuw matriarchaat.”

‘Ibu Bhumi’ van Gerard Mosterd: 2 april t/m 21 mei in diverse Nederlandse theaters.  Officiële première op 18 april in het Tropentheater in Amsterdam. Voor info: www.kantorpos.nl of www.gerardmosterd.com